|
Leeftijd
|
Meeste kinderen kunnen
|
Helft van de kinderen kunnen
|
Een aantal kinderen kunnen
|
| 1 maand |
• Reageren op geluiden • Staren naar gezichten • Hoofdje optillen al liggend op buik |
• Objecten kort volgen met ogen • Ooh en aah geluiden maken • Zwart-wit patronen zien |
• (Glim) lachen • Hoofd 45 graden houden |
| 2 maanden |
• Objecten volgen in gezichtsveld • Handjes ontdekken • Korte tijd het hoofdje omhoog houden |
• (Glim) lachen • Hoofd 45 graden houden
|
• Hoofd stevig omhoog houden • Enig gewicht dragen op benen • Hoofd en schouders optillen al liggend op buik |
| 3 maanden |
• Je gezicht en geur herkennen • Hoofd stevig omhoog houden
|
• "Bellen blazen" • Je stem herkennen • Hoofd en schouders optillen al liggend op buik |
• Omrollen van buik naar rug • Draaien naar harde geluiden • Handen samenbrengen, slaan naar speeltjes |
| 4 maanden |
• (Glim) lachen • Enig gewicht dragen op benen |
• Speeltjes grijpen • Omrollen van buik naar rug |
• Eerste tandje krijgen |
| 5 maanden |
• Duidelijke kleuren onderscheiden • Met handen en voeten spelen |
• Eigen naam herkennen • Beweegt naar nieuwe geluiden • Beide kanten oprollen |
• Kortstondig zitten zonder hulp • Objecten in mond stoppen • Verlatingsanst ontwikkelen |
| 6 maanden |
• Draait naar geluiden en stemmen • Geluiden nabootsen • Beide kanten oprollen |
• Klaar voor vast voedsel • Kortstondig zitten zonder hulp • Objecten in mond stoppen • Objecten van hand naar hand bewegen |
• Beginnen met kruipen • Objecten naar zich toe trekken |
| 7 maanden |
• Zitten zonder steun • Objecten naar zich toe trekken
|
• Beginnen met kruipen • Nerveus worden rond vreemden |
• Zwaaien • Staan terwijl vasthouden aan iets (tafel oid) • Objecten tegen elkaar aan slaan |
| 8 maanden |
• Objecten van hand naar hand bewegen |
• Staan terwijl vasthouden aan iets (tafel oid) • Kruipen • Wijzen naar iets • Zoeken naar verborgen objecten |
• Optrekken tot staan • Met gebaren aangeven wat ie wil |
| 9 maanden |
• Staan terwijl vasthouden aan iets (tafel oid)
|
• Drinken uit drinkbeker • Eet met vingers • Objecten tegen elkaar aan slaan |
• Speelt kiekeboe |
| 10 maanden |
• Zwaaien • Dingen oppakken met vingertjes • Kruipt met buik van de grond |
• Met gebaren aangeven wat hij/zij wil |
• Enkele momenten alleen staan • Objecten in 'iets' doen |
| 11 maanden |
• Speelt kiekeboe • Enkele momenten alleen staan |
• Begrijpt "Nee" en simpele aanwijzingen • Objecten in 'iets' doen |
|
| 12 maanden |
• Mensen nadoen • Met gebaren aangeven wat hij/zij wil |
• Enkele stappen doen
|
• Alleen lopen |
| 13 maanden |
• Buigt om object op te pakken |
• Armen of benen op houden als wanneer wordt aangekleed |
• Woord en gebaar combineren om iets duidelijk te maken • Bal heen en weer rollen |
| 14 maanden |
• Met vingers eten • Doos (oid) met objecten legen • Mensen imiteren |
• Beginnen met spelletjes • Reageren op aanwijzingen |
• Vork en lepel gebruiken • Duwt en trekt speelgoed tijdens lopen |
| 15 maanden |
• Spelen met bal • Achteruit lopen |
• Rennen • Gebruikt steeds vaker het woord "nee" |
• In huis "helpen" |
| 16 maanden |
• Pagina van boek omslaan • Woede aanvallen krijgen wanneer gefrustreerd • Raakt gehecht aan knuffel of speelgoed |
• Klimmen • Blokjes opstapelen • Vork en lepel gebruiken |
• Kledingstuk zelf uittrekken |
| 17 maanden |
• Houd van bewegend speelgoed |
• Duidelijker praten • Onderhands bal gooien |
• Dansen op muziek • Speelgoed sorteren op kleur, maat en vorm • Bal schoppen |
| 18 maanden |
• Zelf boek 'lezen' |
• Maakt van 2 woorden een 'zin' • Tanden poetsen met hulp |
• Bovenhands een bal gooien • Speelgoed uit en in elkaar zetten |
| 19 maanden |
• Vork en lepel gebruiken • Rennen • Bal onderhands gooien • Graag in huis 'helpen' |
• Tenminste 200 woorden begrijpen • Herkennen wanneer iets verkeerd is |
• Handen wassen en drogen met hulp • Wijzen naar plaatje wanneer iets bij naam noemen • Weten wanneer ze moeten plassen |
| 20 maanden |
• Eigen kleren uit doen |
• Woorden leren, 10 per dag • Trap oplopen
|
• Rechte lijn trekken • Enkele ichaamdelen benoemen |
| 21 maanden |
• Trap oplopen • Bepaalde doelen stellen |
• Bal bovenhands gooien • Bal schoppen
|
• Simpel plaatje in boek benoemen • Trap aflopen |
| 22 maanden |
• Bal schoppen • 2-delige aanwijzingen volgen |
• Simpele puzzels doen • Rechte lijn trekken • Enkele ichaamdelen benoemen |
• Gemakkelijke kleding aandoen • Klaar voor een 'groot' bed • Begrijpt enkele tegenstellingen (lang-kort) |
| 23 maanden |
• Simpel plaatje in boek benoemen • Gebruikt 50-70 woorden |
• Deuren openen • Simpele liedjes 'zingen' • Steeds leuker vinden met andere kinderen te spelen |
• Praten over zichzelf • Vragen "waarom?" |
| 24 maanden |
• Helft van wat gezegd is verstaanbaar • Maakt 2-3 woorden zinnen |
• Praten over zichzelf • Trap aflopen |
• Beginnen abstracte dingen te begrijpen • Springen |